Kerntaak 3 (De economische dimensie) LLB

3.1. Welke algemeen aanvaarde regels en standaard (bedrijfs-)procedures ken je?
Aan welke regels en procedures houd jij je, bv. op school of in een baantje? Een regel waar ik me aan houd op school is respectvol met elkaar omgaan, want dat is iets wat ik uit mezelf al doe net als samenwerken en naar elkaar luisteren. Een procedure in mijn werk achter de kassa is, dat ik er verzorgd uit zie en mijn bedrijfskleding aan heb. Ik houd me hier altijd aan, omdat ik er zelf ook altijd verzorgd uit wil zien.

3.2. Weet jij welke rechten en plichten je hebt als je aan het werk bent?
Zo ja, geef een paar voorbeelden. Mijn recht is dat ik geld verdien, omdat ik me voor 100 % inzet achter de kassa. Een plicht is dat ik respectvol om ga met klanten en dat de klant tevreden de winkel uit loopt.

3.3. Vind jij dat je collegiaal bent, bijvoorbeeld in je baantje of op school?
Hoe laat je dat zien? Ja, want als een klasgenoot of een collega op mijn werk hulp nodig heeft help ik diegene. Ik behandel mijn medemens zoals ik zelf ook behandeld wil worden.

3.4. Heb je wel eens bedacht om zelfstandig ondernemer te worden?
Wat moet je daarvoor kunnen en willen, denk jij?
Wat maakt jou (on)geschikt om ondernemer te worden? Ik heb er zeker weleens over nagedacht en het lijkt me ontzettend fijn als je dus niet afhankelijk bent van een werkgever. Mijn vader werkt voor zichzelf, dus hij kan zijn eigen werktijden inplannen en zelf bepalen wat hij wil ontwerpen (architect). Om zelfstandig ondernemer te worden heb je veel doorzettingsvermogen nodig, maar je moet ook ambitieus zijn. Wat mij geschikt zou maken om ondernemer te worden is dat ik graag alleen werk en een onafhankelijk persoon ben, dat heb ik denk ik van mijn vader.

3.5. Wat weet jij al over de volgende onderwerpen:

a. de maatschappelijke betekenis en waardering van arbeid : Arbeid is erg belangrijk in onze samenleving, omdat we er maatschappelijk belang bij hebben. Iedereen heeft geld nodig en van dat geld kunnen wij in onze behoeftes voorzien. Als je naar het ziekenhuis moet, omdat je een been hebt gebroken is het natuurlijk noodzakelijk dat er mensen op de werkvloer staan net als bij politiemannen, militairen, brandweermannen etc.

b. een bedrijfscultuur en hoe die ontstaat : Een bedrijfscultuur is bijvoorbeeld, dat alle werknemers in de pauze koffie met een appelflap nemen. Dit is al 10 jaar het geval, dus het is een soort routine geworden voor alle werknemers. Hoe het kan ontstaan is als een iemand begint met een ritueel en het word overgenomen door anderen. Heel veel bedrijfsculturen zijn al van vroeger uit ontstaan. Kunstenaars staan er bijvoorbeeld om bekend, dat ze er wat aparter uit zien dan doktoren (die zijn meestal wat stijver).

c. de arbeidsverhoudingen (de verhoudingen tussen werkgevers en werknemers) in Nederland : Een werkgever staat in deze tijd natuurlijk nog steeds boven een werknemer, maar minder dan vroeger. Heel vroeger was je een soort van slaaf en was een werkgever echt de baas over je, maar nu is dat veranderd. Ze zeggen bijvoorbeeld nog steeds wel wat je moet doen, maar ze gaan je niet commanderen.

d. de rol en de invloed van branche- of vakorganisaties: Ze komen om voor de belangen van de werknemers. Ze zorgen bijvoorbeeld voor veilige werkomstandigheden.

e. de rol van de overheid op het gebied van arbeid : De overheid zorgt er bijvoorbeeld voor, dat mensen die niet kunnen functioneren in de maatschappij ook recht hebben op wat geld om in hun levensbehoeftes te voorzien. Bijvoorbeeld de WAJONG wet.

3.6. Als jij iets (bijv. een telefoon of een verzekering) wilt kopen, weet je hoe je de informatie krijgt die je nodig hebt? Meestal als ik een nieuwe telefoon nodig heb ga ik naar de mediamarkt en zoek ik er een uit met mijn vader. Ik heb lekker ouderwets een prepaid kaart in mijn telefoon, dus over abonnementen hoef ik me ook niet druk te maken. Als ik een verzekering nodig zou hebben, dan regelen mijn ouders het. Tegen de tijd dat ik het zelf moet gaan regelen zoek ik zelf natuurlijk informatie op over verzekeringen.

Waar kijk jij naar en waar denk jij over na voordat je een product koopt? Of het product er mooi uitziet en of ik het wel echt nodig heb. Het is zonde om spullen te kopen die je nooit gebruikt of kleding die je nooit draagt. Ik kijk ook altijd naar de prijs van een product. Als het product en maand later in de uitverkoop gaat, dan wacht ik liever een maand.

Passen jouw (koop-)wensen bij het geld dat je kunt uitgeven? Ja, want van mijn loon koop ik af en toe nieuwe kleding bij de H&M, Bershka, Zara etc. Ik koop nooit bij dure winkels, want ik geef niet om dure spullen.

3.7. Als je iets koopt (bijvoorbeeld een broek, make-up, een drankje of een telefoon), denk je dan na over de manier waarop het product is gemaakt (duurzaamheid, milieu, dierproeven, eerlijk loon, kinderarbeid) en over de invloed van dat product op je gezondheid (kleurstoffen, calorie├źn)? Eigenlijk bijna nooit, maar als ik naar de Primark ga denk ik er wel bewuster over na. De Primark is erg goedkoop en gemaakt door kinderen uit arme landen.

3.8. Wat weet jij al over:

a. de verzorgingsstaat : Nederland is een verzorgingsstaat, dat zorgt ervoor dat de overheid de verantwoordelijkheid draagt voor ziektes, sociale zekerheid, school etc.

b. de consumentenmarkt : De consumentenmarkt is de doelgroep, die een product van je bedrijf wil kopen of gebruik maakt van een dienst.

c. een begroting met inkomsten en uitgaven : Een begroting is een weergave van inkomsten en uitgaven van een persoon of bedrijf. Je kan de winst of het verlies er uit aflezen.

d. duurzame productenen fairtradeproducten : Duurzame producenten leveren een bijdrage aan het verbeteren van de natuur. Ze leveren producten met zo weinig mogelijk negatieve effecten op milieu en samenleving

e. de rol en de invloed van consumentenorganisaties : Consumentenorganisaties komen op voor de belangen van de consument.

f. de invloed van media op de manier waarop consumenten hun geld besteden : Doordat er zoveel apps zijn zoals : Instagram, Facebook, Snapchat etc. willen jongeren allemaal de nieuwste mobiele telefoon hebben. Hierdoor besteden met name jongeren hun geld uit aan mobieltjes.

You may also like

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *